De Jerry's: Applaus

In de marge van het KunstenFESTIVALdesArts

De Morgen 17 May 2005Dutch

item doc

Contextual note
Dit stukje maakt deel uit van een reeks in De Morgen met beschouwingen in de marge van het KunstenFESTIVALdesArts, afwisselend geschreven door Jeroen Peeters en Jeroen Versteele.

Zonder applaus geen theater. Het is een ritueel waarin de toeschouwer afstand kan nemen van de voorstelling en terugkeren naar de alledaagse werkelijkheid. Tegelijk is de kijker ook deel van een collectieve publiekservaring. Als de kaartjes duur zijn wordt er vaak hard geklapt, al is er in sommige landen ook een actieve cultuur van boegeroep. Immers, wie betaald heeft mag zich laten zien en horen – ook dat is theater.

De studente van Sint-Lukas die een applauscompositie wilde opnemen, had geen slechter moment kunnen treffen dan afgelopen vrijdag. Vlak na de Belgische première van Charlotte Vanden Eyndes Beginnings/Endings stak het publiek zijn verveling niet onder stoelen of banken, veel energie om te applaudisseren was er niet. Na aandringen en toelichting volgde dan toch nog een kleine repetitie om een dynamische golf van applaus te creëren en uiteindelijk de geluidsopname.

Maar zo gekunsteld hoeft het niet, er schuilen altijd wel performances en boodschappen in het applaus. Het groteske verhaal van Ronald McDonald (door Rodrigo García) was voor een deel van het publiek entertainment, voor een ander deel een artistiek en politiek statement. Zo kwamen in het Théâtre National niet enkel verschillende publieksgroepen met eigen theatergeschiedenis samen, hun applaus reveleerde andere aspecten van de voorstelling.

Soms is het verwarring troef. In de Hortahal van het Paleis voor Schone Kunsten liep de Britse performancekunstenaar Franko B een kwartier lang met open aders over een catwalk. Achtergebleven bij het met bloed bespetterde canvas waagden enkele kijkers zich toch aan een applausje. Al ooit in de handen geklapt voor een schilderij in een museum?