Daden van openheid

over Fran├žois Verret

Financieel-Economische Tijd 2 May 2001Dutch
Tijd Cultuur, 2 mei 2001 (editie KunstenFestivalDesArts)

item doc

`Ik zou verkiezen van niet.´ Met deze weigering, dit zachte gebaar van verzet stelt kantoorklerk Bartleby zijn werkomgeving ter discussie, en uiteindelijk het maatschappelijke bestel waarin hij leeft. De Franse theatermaker François Verret gebruikt de figuur als aanleiding om twijfel te stichten in de scenische ruimte en zodoende een veld van mogelijkheden te creëren. `Bartleby´ is een gezamenlijke schriftuur van mensen op zoek naar een andere taal, die geteugenis aflegt van een wereld die zich herijkt.

 

Vorig jaar was François Verret reeds te gast op het Kunstenfestival met `Kaspar Konzert´, waarin een acrobaat, een danser en een muzikant samen gestalte geven aan Kaspar hauser, die door zijn ongeletterdheid tegelijk buiten de sociaal opgelegde codes viel en er niet kon ontsnappen. Dat grensgebied fascineert Verret ook in het verhaal van `Bartleby´, in 1853 geschreven door Herman Melville. Een jonge man reageert op een werkaanbieding bij een notariskantoor, wordt aangenomen, en weigert naa drie dagen te doen wat zijn baas hem vraagt. Die laatste moet het stellen met het antwoord: `I would prefer not to´, een antwoord dat zal volgen op elke gestelde vraag.

`De baas reageert verward, wijst Bartleby op zijn werk, zijn sociale verplichtingen en zo meer, maar de ander verkiest niet redelijk te zijn, verkiest geen uitleg te geven, verkiest niet…´ , vervolgt Verret het verhaal. Vanaf dan zoekt de werkgever naar een manier om hem te begrijpen, om een akkoord te vinden, zonder hen meteen aan de deur te moeten zetten. Hij komt terecht in een spiraal van tegenstrijdige bewegingen van schuld, vragen over de menselijkheid van de ander. Maar uiteindelijk zal hij moeten zwichten voor de mening en het begrip van een groep van mensen die zich vragen stelt over de situatie, over wie wie is en waar thuishoort: Bartleby moet ontslagen worden, simpelweg geëliminieerd. Maar Bartleby blijft verkiezen van niet, belandt in de gevangenis, verkiezt niet te eten en ten slotte niet meer te bestaan.´

`Die verhouding brengt iedereen in verwarring, verstroort op een serieuze manier de schikking van de werkelijkheid, want roept een hoop vargen op. Ze stelt een vooronderstelde logica ter discussie , een gemeengoed en een manier van samenleven die ene gemeenschap sticht in haar dagelijkse gang. Een menselijk wezen dat vasthoudt aan de logica van zijn voorkeur, doorkruist en ondervraagt dus door zijn houding de gemene waarden. Het ondervraagt een maatschappij, wat die denkt over de werksfeer, over banden tussen mensen.´

Het verhaal dateert uit een periode dat de moderniteit bloide, maar ook steeds meer en een wrnage verhouding kwam te staan met het oprukkende kapitalisme. Verret leest het verhaal ook los van zijn historisch perspectief, op zoek naar de relevantie ervan vandaag. `Moderniteit betekent zoiets als de voortdurende exploratie van de ruimte van de twijfel. Die houding zit in het verhaal: Bartleby legt in zijn waarneming van de werkelijkheid enekele van zijn mechanismen bloot die de bestaansmogelijkheden, de mogelijkheden om zich als mens te ontplooien, inperken. Het is een eerste intuïtief begrip van een systeem dat we kapitalistisch kunnen noemen, dat zich in de negentiende eeuw op gang trok en verspreidde. En zich ook al te scherp aflijnde en een kritisch punt overschreed: het is een systeem dat mechanismen  van uitsluiting voortbracht, namelijk van iedereendie zich niet naar de gemeenschappelijke regels plooit.´

`Vertrekkend van Bartleby`s kritische houding en die vraag die erdoor opduikt, lijkt de problematiek me zeer hedendaags, tijdloos zelfs´, gaat Verret verder. `Onze hedendaagse maatschappij vormt zich immers rond de manier waarop een enkeling de werkelijkheid doorwaadt, en hoe de gemeenschap een relatie uitvindt met het singuliere. De vraag naar de manier waarop wij leven is steeds aan de orde geweest, het gaat er echter om hoe die vraag gesteld wordt. De vraag namelijk hoe een maatschappij zich vestigt door zichzelf ter discussie te stellen. Hoe vestigt een mattschappij zich door haar manier van samenleven heruit te vinden? Hoe herrijkt een maatschappij haar eigen waarden? Ook vandaag is de vraag belangrijk en noodzakelijk.´

Gebaar

Bartleby is geen rebel, onttrekt zich aan de binaire logica van de revolte. Zo wordt de vraag volgens Verret immers slecht gesteld. `Men moet de aard van de vraag onder de loep nehmen, de houding die men tegenover de werkelijkheid kann aanemen als individueel wezen. Zo kann men de ruimte heropenen, voortduurend heruitvinden. Precies dat maakt radeloos als men eraan denkt, want men kann zich honderdeneen manieren indenken om die bepaalde tijdruimte te doorkruisen, om immobilisme of traagheid te vinden die uitzicht op onbepaalde ruimtes geven, nieuwe mogelijkheden en zo meer. Door zijn gebaar zorgt Bartleby ervoor dat iedereen zich vragen stelt over zijn eigen bepalingen. En dat vind ik een erg mooie en levendige houding. Dingen ter discussie stellen, zonder ooit een vraag te articuleren, want die komt gewoon bovendrijven door zijn gedrag.´

Handelingen die de ruimte hertekenen, doorkruisen en heropenen zijn Verrets favoriete metaforen: ze verbinden een verwijzing naar de afgelijnde maatschappelijke kaders en allerhande abstracte manieren om met die ruimte om te gaan. Verret ving ooit een architectuurstudie aan – zijn ruimtelijke fascinatie is daar niet vreemd aan – maar kon zich als utopist nooit verzoenen met de economische eisen die met architectuur samengaan. In het theater daarentegen hoeft de ruimte nooit grenzen te kennen: het dient zich volgens Verret aan als een leeg `veld van mogelijkheden. Dat is het veld waarin de figuur van Bartleby wordt opgeroepen, op een ondergrondse manier, om te reveleren wat het betekend Bartleby te zijn in deze wereld. Ik geloof dat er in ieder van ons een Bartleby schuilt en die will ik opwekken.´

`Ik heb in mijn leven een hoop mensen bekeken, in een poging dingen te ontdekken die vooral mogelijkheden zijn, niet meer dan dat. Ik voel een noodzaak af te wijken van de bestaande paden, imaginaire paden ook, een onbepaalde ruimte te openen, te komen tot de kern van een vrije en verantwoordelijke associatie. Het komt erop aan te componeren met een ander register, niet volgens de welbekende logica. Op een gegeven moment heeft iedereen die houding in zich, en de ruimte van Bartleby in onszelf, die potentie will ik openen.

Mensen

De lectuur van het boek was de basis, daaruit volgde `groepswerk, in vertrouwen gemaakt´, een vrije scenische schriftuur. Handelingen, houdingen en gebaren, gesteld door mensen, want ze zijn het die zich in de ruimte ophouden en er nieuwe betekenissen aan geven. `Er staan twee acrobaten op het podium, omdat in hun onderlinge verhouding de ervaring van het vertrouwen en wat die zoal kan betekenen onderzocht wordt. Ze doen een oefening hand in hand, waarbij de ene een figuur maakt terwijl hij in de lucht hangt. Wat zich afspeelt tussen hen is een overdracht, die in het grijpen van de handen op het moment zelf duidelijk wordt, vertrekkend van dat grijpen, als een pact of vriendschapsband die aan de fantasie voorafgaat. Die ervaring gaat over de kwetsbaarheid van het menselijk bestaan. En wie kann daar beter rekenschap van afleggen dan twee acrobaten die zich op elkaar moeten beroepen om het risico van de figuur te kunnen nemen?´

Verret werkt met acrobaten, acteurs, dansers en een muzikant om zijn ruimte te herschrijven, een keuze die uitdrukkelijk niet voortkomt uit een hang naar het multidisciplinaire. `We kunnen het niet anders benoemen, maar eigenlijk is dat multidisciplinaire een snertwoord´, meent Verret. `Iemand stelt een gebaar dat zich in de ruimte inschrijft, en zo´n teken is altijd willekeurig. Of die persoon nu verbonden is met de kunst van het circus, van de dans, van het theater of van de muziek, om er enkele te noemen, dat is slechts een kwestie van benoemen. Wie benoemt die handelingen en met welk doel? Het gaat net niet om de gemeenschappelijke taal van de marchandise. Het gaat om een andere taal, een singuliere taal die ontstaat in het bewerken van een gemeenschappelijke tijdruimte.´

`Iedere kunstenaar vertrekt van andere vraagstellingen , neemt andere risico´s. ieder vindt een taal uit als antwoord op een bepaalde gedachtengang, die gekoppeld is aan complexe innerlijke nooden. Ieder heeft ook een opleiding genoten in een welbepaald domein, dat is waar, en dat is ook interessant omdat mensen een onderscheiden ervaring hebben. Die zijn boeiend om te exploreren, in het arbitraire karakter van de ontmoetingen. Er is geen hiërarchie tussen de benaderingswijzen, tussen de expressieve codes. Maar komen de mensen louter van waar ze komen? Het ist och wat ingewikkelder dan dat, iedereen heeft een andere achtergrond, en dat is niet zomaar bevattelijk door er een discipline op te kleven.´

`Je kunt gebaren niet loskoppelen van de ruimte waarin ze plaatsvinden, evenmin van de mensen die het gebaar stellen. Een présence, merdere présences, man, vrouw, zich inlatend met circus, muziek of dit of dat… Dat alles tezamen op een podium heeft te maken met de wereld die we dagelijks doorkruisen, met zijn politieke, esthetische en filosofische noden. Dat leg ik niet uit, dat is tastbaar. Dat moet er zijn voor de kijker, maar op een onbewust niveau. De kijker moet zelf ontdekken dat er banden zijn met reële ervaringen die hij zelf meemaakt. Daarom houd ik er ook niet van dat die mensen elkaars dubbel zijn, zich als meelopers gedragen. Daarom wil ik dat er meerdere vreemde talen zijn die een schriftuur in de tijdruimte installeren, dat is een esthetische, filosofische én politieke houding.´